Op 1 april 2016 heeft de heer W. van den Berg Burgemeester van de gemeente Ferwerderadiel een bord onthuld dat is geplaatst op het huis Vrijhof 4. Naast informatie over pastorie en stinshuis staat ook een pijl op het bord wat verwijst naar de grafgedichten die rond het kerkhof zijn geplaatst op het schelpenpad wat de “wandeling “ heet !
grafgedichten1

Rigt Wiersma, Johannes van Dijk en Burgemeester van den Berg

Na deze onthulling zijn door verschillende aanwezigen gedichten voorgelezen.
grafgedichten2
Piet Reitsma leest een gedicht voor .
grafgedichten3
Frans Regnerus leest een gedicht voor. 

In totaal zijn een dertig tal grafgedichten rond het kerkhof geplaatst. De oudste is uit het jaar 1700 en de jongste uit het jaar 1890. De gedichten zijn afkomstig van grafstenen uit verschillende dorpen in Ferwerderadiel en zijn door de schrijver dezes verzameld. Reeds in de zeventiende en achttiende eeuw komen grafgedichten in heel Friesland voor. 
Hier enkele grafgedichten. Om met het oudste uit het jaar 1700 te beginnen:
Het is het grafgedicht van Iepe Pitters, die overleden is op 11 mei 1700,. Hij was eerst getrouwd met Doutse Ians en later met Frouckje Ruirts en is met zijn beide vrouwen in Hallum begraven
Al die hier op mij treeden
Excempel neemt aan mij
Al legh ick hier beneeden
Ick ben geweest als gij. 
Het grafgedicht van de eerzame Gjalt Hendriks de With, Mr Bakker te Blija, aldaar overleden 31 januari 1829 oud 34 jaren luidt als volgt :
Hij die als burger gade en vrind,
Bij elk geacht werd en bemind,
En bij het woeden van de dood,
Den arme kranke bijstand bood,
Vond hier het eind der korte baan,
Wijd Blija hem een dankbre traan.
Het grafgedicht van Ale Rinses Huisinga, rentenier te Ferwerd overleden 20 october 1823 oud 58 jaren luidt als volgt:
Rijk bemiddel praalverachtend, 
Stil en ned’rig regt betrachtend,
Hulp der armen, vroeg en spa, 
Deugd beminnend, braaf en eerlijk, 
Vergenoegd en onbegeerlijk, 
Was ’t bestaan van Huisinga.

grafgedicht1

RIJMWERKEN
Uit de negentiende eeuw zijn locale lange rijmwerken bekend die geschreven werden bij ongevallen. Hierbij werd de dramatiek vaak hoog opgevoerd. B.v. toen op 29 januari 1841 de 29 jarige AEde Lieuwes Holwerda uit Marrum om het leven kwam toen hij aan het aardappel opscheppen was in een aardappelhoop op het land waarvan hij dacht dat de kleiwanden nog bevroren waren. Echter door de invallende dooi stortten de wanden in, raakte hij beklemd en kon niet onder de kleilaag vandaan komen. Hierop werd een lang rijmwerk van meer dan 60 regels geschreven waarvan de laatste regels luidden :
Schoon hij is jong en sterk/ hij kan zich niet verzetten/ de kolom is te zwaar/ en gaat hem zo verpletten/ met aarde was de man/ van boven gans omgeven/ en in een oogenblik/ een einde maakt aan ’t leven!


Of het overlijden van landbouwer Reinder Pieters de Boer, een vooraanstaand man in de Ferwerter dorpsgemeenschap die woonde aan de zeedijk op het einde van de nu geheten Reinderslaan . ( Nu firma Themmen Heftfrucks) De Boer had de Oudejaarsavond van 1855 doorgebracht bij kastelein Lijklama. Hoewel de kastelein hem een eind op weg naar huis bracht, kon hij kennelijk het pad niet recht houden, raakte in een sloot en overleed. Hierdoor is de naam Reinderslaan ontstaan. Op dit ongeval werd ook een lang treurgedicht geschreven door Klaas Symens Hoornstra uit Marrum. Het zou te ver voeren dit hele gedicht hier te plaatsen maar de eerste vier regels luidden als volgt :
O droevig ongeval in dit Nieuwjaar vernomen/ Dat Reinder Pieters was in ’t water omgekomen/ verdronken is hij niet daar ’t raakte tot de dij/ van boven was hij droog en van het water vrij!
Hoornstra schreef het gedicht als een waarschuwing gebaseerd op Marcus 13 vers 33: “Ziet toe waakt en bidt. Want gij weet niet wanneer het de tijd is “. Hij heeft het gedicht voor eigen rekening laten drukken. Het was toen de gewoonte om langs te deuren te gaan om het gedicht voor te lezen. Men hoopte dan een paar centen of een stuiver te ontvangen. Wij kunnen in onze tijd ons niet voorstellen, dat mensen aan de deur zouden komen en lange gedichten vol met dramatiek zouden voorlezen.

Johannes van Dijk augustus 2017
Bronnen: Ferwert Ferah 1990 Johannes van Dijk, Grafopschriften in Tresoar Leeuwarden .